literatuurgeschiedenis.nl | de negentiende eeuw
   1000       1100       1200       1300       1400       1500       1600       1700       1800       1900       2000    
Multatuli (Eduard Douwes Dekker)
Amsterdam 1820 - Nieder-Ingelheim 1887

In de negentiende eeuw droegen de meeste vrouwen een keurslijf. Een vrouw die zich in het openbaar vertoonde zonder zo’n korset, werd onfatsoenlijk gevonden. Sociale druk dwong vrouwen dus de natuurlijke vormen van hun lichamen in te snoeren, opdat er maar één voorgeschreven vorm overbleef. Multatuli heeft zijn hele leven gestreden tegen die tirannie van de maatschappelijke dwang. Groepsdruk dwingt immers iedereen in hetzelfde, voorspelbare stramien. Maar hij hield niet van het voorspelbare, hij hield van het onverwachte. Deze strijd tégen opgelegde vormen loopt als een rode draad door zijn leven en zijn literaire werk.

Hij werd in 1820 in Amsterdam geboren, in de Korsjespoortsteeg. In zijn geboortehuis is nu het Multatuli-museum gevestigd. Het is een klein, smal huis; een kind had hier weinig bewegingsruimte. Zijn ouders waren bovendien zeer streng. Deze Amsterdamse jeugd is een inspiratiebron geweest voor De geschiedenis van Woutertje Pieterse (1862-1877). Hij laat hierin zien hoe ongelukkig een kind wordt als alles om hem heen klein, benauwd, streng en bekrompen is.

Waarschijnlijk hoopten zijn ouders dat Eduard later dominee zou worden, maar hij maakte zijn school niet af. Op zijn achttiende voer hij met zijn vader (een kapitein) naar Nederlands-Indië. Aldaar werd hij ambtenaar in dienst van het koninkrijk. In 1846 trad hij in het huwelijk met Everdine van Wijnbergen.

In 1856 werd hij benoemd tot assistent-resident van Lebak, een gebied op West-Java. De bevolking was er daar slecht aan toe: velen trokken weg, anderen hadden honger. Douwes Dekker kreeg met zijn chef, de resident Brest van Kempen, een conflict over de manier waarop er een einde gemaakt zou moeten worden aan die misstanden. Brest van Kempen hield vast aan de ambtelijke regels en voorschriften. Douwes Dekker pleitte juist voor het loslaten van die regels.

Dekker verloor de strijd. Vier jaar later schreef hij over deze nederlaag zijn Max Havelaar. Hij gebruikte het pseudoniem Multatuli, wat betekent: ‘ik heb veel geleden’. Het was een vernieuwend boek. In de negentiende eeuw golden er nog strenge literaire voorschriften. Zo moest een roman een verhaal vertellen met een behoorlijk begin, midden en einde. Multatuli hield zich in Max Havelaar niet aan die eis. Hij vond zo’n strenge vorm maar een ‘leelyk ryglyf’ [=keurslijf]. Multatuli wordt vanwege dit verzet tegen vormdwang vaak in verband gebracht met de romantiek.

Hij bleef na Max Havelaar strijden tegen allerlei verschillende vormen van inperking (lichamelijk, sociaal, literair). In zijn zeven bundels Ideën (1862-1877) gebruikte hij daarbij vooral filosofische argumenten. De mens was volgens hem onderdeel van de natuur. Die natuur geeft ons spontane gevoelens en verlangens. Als al die spontane verlangens meteen in een onnatuurlijk keurslijf worden gedwongen, groeit alles in ons krom of sterft er zelfs iets af. Hij raadde zijn lezers aan daarom eens de volgende test te doen:

Neem 'n nest jonge honden die 't ongeluk hebben welgeschapen te zyn. Spreek deze bezwering uit:
Natuur, Natuur, Natuur, wat benje dom, Natuur!
Trek daarna uw hondjes korsetjes aan, liefst wat styf en wat nauw, en let eens goed op of Natuur niet heel spoedig uw tooverspreuk gehoorzaamt, en u wat scheefs geeft, waar ze in haar domheid, vóór uw bezwering, meende te kunnen volstaan met welgeschapenheid.

Een belangrijk strijdpunt is de seksualiteit van de vrouw. Multatuli beweerde in de Ideën dat maatschappelijke druk ervoor zorgt dat meisjes zichzelf van jongs af aan wegcijferen. Ze zijn dus wel gedwongen hun natuurlijke gevoelens te onderdrukken:

Wat maakt ge van onze dochters, o zeden! Ge dwingt haar tot liegen en huichelen. Ze mogen niet weten wat ze weten, niet voelen wat ze voelen, niet begeeren wat ze begeeren, niet wezen wat ze zyn.

Ook de geest van de vrouw was volgens hem gelijk aan die van de man. Hij was in Nederland een van de eerste mannen die er voor pleitte dat meisjes een wetenschappelijke opleiding moeten kunnen doen.

Multatuli is na zijn conflict in Lebak vertrokken uit Nederlands-Indië. Hij zwierf vervolgens door Europa. Na de verschijning van Max Havelaar woonde hij nog enkele jaren in Nederland, maar kon het daar uiteindelijk niet uithouden. Hij woonde de laatste jaren van zijn leven in Duitsland, samen met zijn tweede vrouw Mimi. Uiteindelijk stierf hij in 1887 in Nieder-Ingelheim. Maar zelfs als dode weigerde hij zich te laten opsluiten in het houten korset van de doodskist. Hij was een van de eerste Nederlanders die zich heeft laten cremeren.

Verder lezen
Portret van Multatuli, door August Allebé/L. Mertens (1874) .
Bijvoegsel van de Amsterdammer, Weekblad voor Nederland van 6 Maart 1887.