literatuurgeschiedenis.nl | de achttiende eeuw Literatuurgeschiedenis.nl: Kleine Gedigten voor Kinderen: ‘Het lijk’
   1000       1100       1200       1300       1400       1500       1600       1700       1800       1900       2000    
Kleine Gedigten voor Kinderen: ‘Het lijk’
Hieronymus van Alphen (1746-1803), 1782

In 1778 verscheen Proeve van Kleine Gedigten, de eerste Nederlandse dichtbundel die speciaal voor kinderen was geschreven. Uit elk gedichtje konden kinderen iets leren, zoals: ze moeten zich vrolijk aan hun huiswerk zetten, ze moeten stommiteiten vermijden door eerst rustig na te denken, ze mogen geen fruit uit andermans bomen stelen en ze moeten eerlijk zijn. Vanwege het grote succes schreef Hiëronymus van Alphen nog twee vervolgdeeltjes: in 1778 een Vervolg der Kleine Gedigten voor Kinderen en in 1782 een Tweede Vervolg der Kleine Gedigten voor Kinderen. In 1787 werden de in totaal zesenzestig gedichtjes samengevoegd tot één verzamelbundel onder de titel Kleine Gedigten voor Kinderen. Deze bundel wordt tot op de dag van vandaag herdrukt.

Het gedicht ‘Het lijk’ staat in het Tweede Vervolg der Kleine Gedigten voor Kinderen.
HET LIJK

Mijn lieve kinders, schrik toch niet,
Wanneer je dode mensen ziet;
   Zouden jullie voor lijken beven?
Kom hier: deze bleke koude man,
Die voelen, zien, noch horen kan,
   Houdt nu niet op te leven.

Hij denkt en werkt – ja meer dan jullie;
Maar zonder lichaam zoals wij.
   De ziel is weg van de aarde,
Die God, die hij hier heeft gevreesd,
Is bij hem in zijn dood geweest;
   En houdt dit lijk in waarde.

Al is de ziel van het lichaam af,
Al daalt het lijk in het donker graf,
   Dat moet jullie niet doen ijzen.
Geloof het toch, de goede God
Zal zelfs dit lelijk overschot
   Veel mooier doen verrijzen.

Ach, lieve kinders! Zeg dan niet;
Wat is dat sterven een verdriet!
   Mocht ik maar altijd leven!
Wanneer je God bemint en dient,
Dan voert de dood je als een vriend,
   In het eeuwig zalig leven.

En komt dan eens de jongste dag,
Dan zal het lichaam dat daar lag,
   Zich levend weer vertonen.
Dan voeren de engelen van beneden
U zingend naar de hemel heen,
   Om eeuwig daar te wonen.

Mijn lieve kinders schrik dan niet,
Wanneer je dode mensen ziet;
   Zouden jullie voor lijken beven?
Zeg liever vrolijk – deze man,
Die hier niet zien of horen kan,
   Mag in de hemel leven.

Het tonen van een dode. Het lijkt geen onderwerp voor kinderen, maar in de achttiende eeuw, waar ziekte en dood voortdurend op de loer lagen, is het een meer dan realistisch onderwerp. Het gedicht laat zien hoe men in de achttiende eeuw in huiselijke kring met de dood probeerde om te gaan. Door kinderen bewust te confronteren met een lijk konden ze wennen aan de dood. De manier waarop Van Alphen dit onderwerp behandelt is kenmerkend voor al zijn kindergedichtjes. Aan elke les geeft hij een vrolijke, of op zijn minst optimistische draai. In dit voorbeeld leren de kinderen niet bang te zijn voor de dood, want het leven op aarde is weliswaar voorbij, maar daarna volgt nog een heel leven in de hemel.

Net zo belangrijk is de les om in God te geloven. Die wordt door Van Alphen voorgesteld als een vriendelijk wezen die alleen maar goeds voor heeft met de mensheid. Dat is een verlichte boodschap want Van Alphen hamert niet op religieuze dogma’s en concentreert zich uitsluitend op een algemene vorm van geloof die vandaag de dag zou worden samengevat als ‘God is liefde’. Vandaar ook dat slechts het woord ‘hemel’ valt, en er van een hel geen sprake is.

De gedichten van Van Alphen zijn niet alleen leerzaam voor kinderen, maar ook voor ouders. Die kunnen lezen hoe ze moeilijke opvoedkundige zaken moeten aanpakken en oplossen. Natuurlijk beschrijven de gedichtjes ideale kinderen en ouders en ideale verhoudingen. In alle gedichten zet Van Alphen een Lockeaanse, behoedzame opvoeder neer, die het kind zachtjes kneedt tot een deugdzaam, gedisciplineerd mens, zonder met geweld te dreigen of het kind anderszins bang te maken. Van Alphen is daarmee op en top man van de Verlichting, iemand die alle nieuwe pedagogische inzichten heeft opgezogen en ze aanpast aan de Nederlandse situatie.

Verder lezen
Advocaat, schrijver en vader van drie zoontjes: Hieronymus van Alphen (1746-1803) .
Illustratie uit Proeve van kleine Gedigten bij ‘Het lijk’.